Inleiding en context
De islam verstaan om de islam te verslaan
Artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens luidt:
"Een ieder heeft recht op vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst; dit recht omvat tevens de vrijheid om van godsdienst of overtuiging te veranderen, alsmede de vrijheid hetzij alleen, hetzij met anderen zowel in het openbaar als in zijn particuliere leven zijn godsdienst of overtuiging te belijden door het onderwijzen ervan, door de praktische toepassing, door eredienst en de inachtneming van de geboden en voorschriften."
Dat dit recht voorafgaat aan de vrijheid van meningsuiting (art. 19), het recht om zich te organiseren (art. 20) en democratische participatie (art. 21), mag verbazen. Een religie zou kunnen verengd worden tot een organisatie rond een waanidee, namelijk dat er een onaantoonbare god bestaat die aan uw kant staat. Ik noem dat fake news uit het verleden, maar fake news bestrijden we, terwijl die oude leugens getolereerd moeten worden.
Meer nog, men mag de religieuze geboden en voorschriften in acht nemen ... maar vaak gaan deze regelrecht in tegen de andere mensenrechten. Zeker bij de Abrahamische religies, die het bestaan van één god vooropstellen, is tegenspraak verboden. Waar dit bij de joden nog een defensief karakter had - namelijk het afwenden van het polytheisme - radicaliseerde het Christendom, maar bleef het pacifistisch en ondergeschikt, tot de Islam het zwaard trok en aan veroveringen begon. Het was telkens de geknipte religie voor z'n tijd, met voorschriften die sociale en economische antwoorden boden en een moraal die voor een stabiele samenleving zorgde. De mensheid bestond al lang genoeg om uit ervaring te putten, maar sindsdien zouden opvattingen niet meer wijzigen ... dat geloven althans gelovigen vandaag.
Artikel 18 bevat echter nog een interessant lid: namelijk de vrijheid om van godsdienst of overtuiging te veranderen. Misschien is dit belangrijker dan het erkennen van godsdiensten: het ontkennen van hun aanspraak op een universele waarheid, en het waarborgen van individuele keuzes. Maar wie waarborgt die? Enerzijds zijn er democratische instituties en wetten, anderzijds is er de gemeenschap met haar normen. Beide vragen investeringen, onderhoud en controle, want mensen vervallen gemakkelijk in tribale structuren. Als gevolg daarvan zal men tegen beter weten in geloven: niet omdat men overtuigd is van het bestaan van god of van de waarheid achter het woord van god, maar omdat geloven efficiënt is. Een karikaturaal voorbeeld is de bekeerde gevangene, die gelovig wordt om niet door de andere gevangenen geslagen te worden. In België is er nog een speciale reden om als delinquent moslim te worden: halal-voeding is lekkerder dan het goedkoop zwijnenvlees dat aan heidenen wordt voorgeschoteld. Zo pragmatisch kan het ook, en fundamenteel verschillend van de overtuigingskracht van de brute Mohammedanen is dit niet.
Nu kan het lijken alsof religie uitgeroeid moet worden om de mens te bevrijden. Dit is Weberiaans, idealistisch denken. Maar wat ik net heb aangegeven is dat religie zich ent op een materieel probleem, en meestal nog een oplossing weet te bieden ook. Hoewel suboptimaal, want onverdraagzaam in z'n kern, is het niettemin een stabiel equilibrium, en dat is democratie en liberalisme niet. Vandaar dat we al duizenden jaren met religies zitten die geen zinnig mens kan volgen. Lees er bijvoorbeeld de stamboom in Genesis op na, waar koningen honderden jaren oud worden alsof biologie geen vat heeft op God's volk op aarde. Religie is niet goed of slecht, maar voornamelijk waanzinnig. De vraag is dan welke gedaante de waanzin aanneemt, welk kwaad het aanricht en hoe we ervan af geraken.
In de meeste westerse landen is er een toevloed van moslim-immigranten, en in de meeste van die landen gaat dit gepaard met armoede, drugshandel en geweld. De vrede en voorspoed die de religies beloven lijken hier ver vandaan te staan, en dus struikelen bijna alle observatoren over hun gedachten. Ter rechterzijde meent men dat de islam achterlijk en kwalijk is, ter linkerzijde wordt erop gewezen dat het een toevlucht is voor de armen, en dat racisme hen uit de westerse samenleving uitsluit. Beide zijn zowel juist, verkeerd, als onvolledig.
Het essentiële inzicht is dat religie, cultuur en economie elkaar vinden en versterken, zonder volledig samen te vallen. Religie geeft bijvoorbeeld een antwoord op sociale excessen die in een cultuur plaatsvinden, zoals losbandigheid of hebzucht. Dat is perfect moreel te verantwoorden. Tegelijk gaat het echter één bevolkingsgroep afzonderen van de andere, waardoor het een organiserend karakter krijgt, en men de eigen groep gaat zien als uitverkoren, zelfs verwijzend naar die morele principes, en de anderen als ongelovigen, ketters, onmensen. Maar het zijn niet de meest vrome volgelingen die vervolgens de daad bij het woord voegen en in het slechtste geval terreurdaden plegen en in andere gevallen gewoon samenhokken onder hoofddoeken. Het zijn zowel die sukkelaars die op het verkeerde pad zijn beland en het inzicht kregen dat hun religie hen zal redden als ze hevig gaan geloven, als de modale moslima die subtiel meegeeft aan haar kinderen dat ze "anders" zijn. Dat laatste is zelfs schadelijker en dit is wat het westen heeft ervaren: een absolute segregatie van voornamelijk moslims uit de Arabische wereld, die er niet op uit zijn om te bekeren, maar wel komen plunderen. Ze volgen de weg van de minste weerstand: uitgestuurd door het land van herkomst, zoals de berbers, en eerst aangetrokken door arbeidskansen, daarna door uitkeringen. Een gevoel van reciprociteit of respect voor de samenleving is afwezig: men is opportunistisch en stelt dat het westen maar niet zo dom moet zijn om tegelijk decadent te zijn en haar welvaart uit handen te geven. Eens de bron droog is en de westerse bevolking demografisch gedecimeerd, zal hun stabieler systeem nog bestaan en overheersen. Niet iedereen maakt de redenering rond - opportunisten denken wel vaker slecht één stap vooruit - maar de afkeer van het westen en het geloof in de superioriteit is wel zeer gangbaar in deze gemeenschap.
Religie wordt zo de vlag waarachter een cultuur zich verenigd op basis van economische verschillen. Men kan dit echter noch bestrijden door mensen uit hun cultuur te trekken, noch door religie te verbieden, noch - en dit is moeilijk te aanvaarden voor velen - door egalitarisme. Men moet deze zaken tegelijk doen, en het essentiële vehikel hiervoor zijn geen predikers of gurus, geen politici, geen tv-sterren, maar verenigingen. Mensen aanspreken op hun bewustzijn is namelijk gedoemd om te falen: de meerderheid van de mensen heeft een moreel kompas dat alle richtingen uitwijst, maar nooit weg van z'n navel stuurt. Van eigenbelang naar volksbelang is een kleine stap, en zo keert men telkens terug naar tribalisme en stammenstrijd. Organisaties hebben een ander bewustzijn: ze hebben geobjectiveerde, universele regels en een systemische interesse in "effectief altruïsme": het erkennen van anderen om zelf erkend te worden. Dit stuurt aan op democratie en tegen religie, zélfs als de organisatie een religieuze organisatie is, zolang het niet de religie van de machthebbers is. Het antwoord op de islamisering van Europa is dus niet het heruitvinden van religieuze fundamenten die we reeds lang zijn ontstegen, maar het versterken van instituties en het betrekken van migranten hierin, waarbij religieuze organisaties erkend worden maar religieuze regels niet. Die organisaties zijn controleerbaar, moeten zich verantwoorden, en zijn ondergeschikt aan de wetten van het land. De gemeenschap zal nog enige tijd bedenkelijke normen aanhangen, maar via de instituties zijn deze bediscussieerbaar. Ooit kom dan een rerum novarum voor de islam, of een andere verlichting die het individu niet enkel institutioneel beschermt, maar ook de kans geeft de gemeenschap te ontlopen. Vandaag zijn moslimjongeren net van het omgekeerde overtuigd: instituties geven hen geen plaats, de gemeenschap wel. Deze analyse kan zo het geweld in de grote steden in het oude Europa verklaren, en geeft aan dat noch vingerwijzen, nog repressie of antagonisme een afdoende antwoord vindt, ook al zijn dit de voorzichtige kritieken die vandaag uit de moslimgemeenschap zelf naar voor komen. Het zijn echter circulaire ideeën die teruggaan naar een goddelijke orde, culturele gemeenschap en religieuze verbondenheid, terwijl het organisatie-aspect ontbreekt.
AI-toets van dit betoog (ChatGPT 5.0)
Ten-line summary
- The text questions why freedom of religion (UDHR Art. 18) is treated as foundational, despite religious doctrines often conflicting with other human rights.
- Religion is framed as historically contingent “fake news” that once provided social order but now claims immutable truth.
- Abrahamic religions are portrayed as increasingly intolerant, with Islam historically combining doctrine with conquest and governance.
- A key element of Art. 18 is the right to change religion, which implicitly denies any religion’s universal truth claim.
- In practice, belief often persists for pragmatic, social, or material reasons rather than conviction.
- Religion is described as a stable but irrational equilibrium, rooted in material conditions rather than ideas alone.
- Contemporary European Islam is analysed through the interaction of religion, culture, and socioeconomic exclusion.
- Segregation is driven less by radical elites than by everyday socialisation that reinforces group difference and superiority.
- Neither repression, moral persuasion, nor pure egalitarianism can resolve this dynamic.
- The proposed solution is strong, accountable institutions and associations that integrate migrants, recognise religious organisations but subordinate religious rules to secular law.
- Durkheim viewed religion primarily as a social fact that binds groups, not as a set of doctrines to be debated away.
- Weber showed that religious ideas persist because they solve material and organisational problems, not because they are true.
- Hirschman and later institutional economists stressed that loyalty and voice within institutions reduce exit into tribal or sectarian identities.
- Political sociology of migration (e.g. Koopmans, 2010s) repeatedly finds that institutional incorporation matters more than cultural “openness”.
- Belief follows structure: religious adherence increases under insecurity, segregation, and weak state presence.
- Tolerance ≠ integration: passive acceptance without institutional participation correlates with parallel societies.
- Everyday norms matter more than radicals: intergenerational transmission of “difference” explains segregation better than extremism.
- Organisations civilise: unions, schools, sports clubs, professional associations reduce religious salience by imposing universal rules.
- Religion is not uniquely destabilising: ethnicity, nationalism, and class identities behave similarly under weak institutions.
- Islam is not exceptional in mechanism: the dynamics described are general; historical specificity matters.
- Institutions can fail: if perceived as exclusionary or biased, they reinforce communal retreat rather than integration.
- Wrong assumption: that recognising identities produces integration.
- More accurate view: integration is a by-product of institutional participation under common rules.
- Correct hierarchy:
- Secular law
- Institutions and associations
- Cultural and religious expression (protected, but subordinated)
Links
https://www.ohchr.org/en/human-rights/universal-declaration/translations/dutch-nederlands
https://www.vrt.be/vrtnws/nl/liveblog/72-gerechtelijke-arrestaties-in-brussel-tijdens-oudejaarsnacht-~1767158724412/
VRT NWS, 2 januari 2026, Verband tussen rellen en moslimachtergrond? "Ben het beu om me te verontschuldigen voor gedrag van minderheid"
https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/01/02/verband-tussen-rellen-en-moslimachtergrond-ben-het-beu-om-me-t/
VRT NWS, 4 januari 2026, Opnieuw onrustig rond Zwarte Vijvers in Molenbeek na wedstrijd Marokko: vuurpijlen afgeschoten en bushokjes vernield
https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/01/04/onrustig-molenbeek-politie-zwarte-vijvers/