dinsdag 28 augustus 2018

Over het perron in Aarschot

Gisteren werd een jongen van 15 op het spoor geduwd door drie dronken Aarschottenaars. De aanleiding was een discussie over het vertrekuur van de trein naar Hasselt, de feiten waren racistische uitlatingen en poging tot doodslag.

Het volk reageert moralistisch: men mag geen racist zijn, of nog: racisme is aangewakkerd, en zij die daar achter zitten zijn medeschuldig. Laten we zeggen dat ik het daar voor de helft mee eens ben.

Ik wil de feiten ontleden in twee aspecten: ten eerste is er agressie, ten tweede is er de vorm van agressie.

Wanneer worden dieren agressief? Dat is altijd wanneer ze in het nauw gedreven zijn. Dat is op zijn beurt een functie van eigen kracht en van wat op je afkomt. Een olifant schrikt niet als je met je handen staat te zwaaien, een wesp wel.

De mensen in kwestie hebben zichzelf enerzijds in een zwakke toestand gebracht door drugs, waarschijnlijk alcohol, te gebruiken. Bepaalde remmingen vallen weg en het gezond verstand schiet erbij in. Het werk van Kahneman of Mullainathan verklaart dit goed. Maar ook de dreiging die op hen afkomt is niet min: in de perceptie van veel mensen, en dat onderschatten 'intellectuelen' (die ook nog eens over meer 'bandbreedte' beschikken), is de wereld extreem onveilig, is migratie onbeheersbaar, en zijn vreemden te wantrouwen. Laat ik even in het midden laten of ze gelijk hebben of niet - perceptie is wat telt en die is niet ontkracht of weerlegd.

Met andere woorden, een discussie over een bagatel escaleerde tot een staatszaak waarin onvermogen leidt tot radicalisme: haal het element weg en er is geen probleem meer. Dat gaat toch iets dieper dan racisme, het is het volledig opgeven van het geloof in de maakbaarheid. Men kan zelf niet verhelpen wat anderen niet hebben kunnen voorkomen.

Het tweede aspect is de vorm van de agressie. Iemand op de sporen gooien, is hetzelfde als iemand voor een bus werpen of van een brug duwen. Het is een poging tot doodslag, in dit geval zonder voorbedachte rade, dus net geen moord. Extremer kan niet. Daarna zie je hoe de jongeman de bovenhand neemt en de agressor aanvalt. Dat heeft mij ook zeer getroffen: hij slaat continue op de achterkant van het hoofd van die man. Dat is een actie die zelfs in kooigevechten verboden is, want eveneens dodelijk. Als anderen niet waren tussengekomen, dan was een hersenbloeding zeer waarschijnlijk geweest. Ook dat is zeer extreem. De aanstoker was verantwoordelijk en is schuldig, maar we zien meer dan zelfverdediging.

Hoe komt dat? Ik geloof dat mensen geen absoluut gedrag vertonen, maar een mate van gedrag ten opzichte van de norm. Een onschuldig voorbeeld: wanneer het zuiden van Frankrijk een verre reis is, dan is iemand die het vliegtuig neemt naar Turkije een avonturier. In de gene van de mens zit de zin voor avontuur, niet de afstand in vogelvlucht tot een bestemming. Wordt de wereld kleiner, dan wordt Patagonië of de Zuidpool het nieuwe avontuur. In se gaat het om dezelfde mensen. Een minder onschuldig voorbeeld: in een gelaïciseerde samenleving is iemand die in God gelooft een extremist. In een relgieuze samenleving is een extremist iemand die ongelovigen uitmoord. Wat links en rechts, hoog of laag, veel of minder is, hangt af van waar het centrum zich bevindt. Daarom moet men goed opletten met ogenschijnlijk insignificantie verschuivingen van dat centrum. Daarom zijn hoofddoeken niet zo onschuldig. Daarom moeten we in dit geval kijken naar de plaats van geweld in onze samenleving.

Verbale agressie is in elk geval opgeschoven: polariserende politici, stoere rappers, sociale media hebben de norm van het welvoeglijke danig opgeschoven. Fysieke agressie is een moeilijkere kwestie maar dat lijkt ook het geval. Vroeger zullen er waarschijnlijk frequenter vechtpartijen geweest zijn, maar met lichtere gevolgen en vaker op voorspelbare plaatsen. Nu kan overal het ergste gebeuren: een terreuraanslag, roofmoord, verkrachting, ultrageweld. A Clockwork Orange past beter bij deze tijd dan bij de tijd waarin het gemaakt is. Op straat loopt het leger in gevechtsuitrusting rond, op televisie en op internet worden beelden van oorlog en criminaliteit verspreid, een machocultuur waarin kracht centraal staat wordt de norm. Als alles opschuift, dan ook de extremen. De man boven zijn theewater en de jonge kerel hebben daarom geweld bovengehaald waarvoor razende ruziemakers zich enkele tientallen jaren geleden.- in de tijd dat ik zelf nog op straat vocht - zouden hebben ingehouden. Je slaat niet zomaar iemand dood uit vergelding. Enkel als je denkt dat hij versterking zal halen, dat hij wapens bijheeft, of dat hij ook anderen bedreigt zal je zo extreem handelen, en dan nog moet de actie binnen je verbeeldingsveld bestaan.

Dus racisme, ja, maar je raakt er niet met dit moreel te veroordelen. De oorzaken zijn veel verregaander, en je kan je afvragen of de oplossing wel haalbaar is, of ook: of die ene oorzaak, namelijk het ongeloof in de maakbaarheid, misschien wel niet terecht is. Dan gaat men eerst het tegendeel moeten bewijzen, of hard werk maken van een oplossing, waarbij het gevoel van rechtvaardigheid hersteld wordt en racistische uitlatingen allicht snel verdwijnen.