woensdag 26 oktober 2016

De verkeerde verwachting van de vakbond

Europa en een heel deel van de wereld zijn in crisis. Neoliberale recepten hebben niet gewerkt. We weten trouwens nu pas wat dat is, neoliberalisme: het is de schrik van Adam Smith, namelijk politiek die zich als de hoer van het bedrijfsleven opstelt. In Smith zijn tijd kon je dan maar beter géén staat hebben. Vandaag is de nood om coördinatie en regulering te organiseren veel groter, maar dat betekent niet dat het gevaar van een geperverteerde staat geweken is.

Aan het eind van het vorig millennium was er een vrij behoorlijke scheiding tussen de politieke en de economische sfeer. Zeker in België kon het sociaal overleg redelijk onafhankelijk werken. Omdat de globale uitdagingen aanhielden en we in verschillende crises belanden, veroorzaakt door het neoliberalisme, is de staat echter paradoxaal genoeg zich nog nadrukkelijker gaan manifesteren, en neemt ze het nu ook over van het sociaal overleg. Ik vergelijk het met een pyromaan die bij de brandweer werkt.

De politieke machten herhalen nu de vergissingen uit het verleden, omdat dit de beslissingen zijn die hen aan de macht hebben geholpen. Dat is volstrekt begrijpelijk, maar het heeft nog een ander effect: de neoliberale zijde wordt hardnekkiger. Wie oprecht geloofde in de strategieën van het vorig millennium, kan nu gaan twijfelen, omdat de doelstellingen niet gehaald zijn, en bijvoorbeeld DSGE modellen en QE programma's faalden. De gelovigen die in het licht daarvan nog overblijven, kan men echt blinde volgelingen noemen.

Dit is net zo goed een bedreiging als een opportuniteit. De bedreiging is dat onze samenleving tegelijk atomiseert en traditioneler, minder democratisch wordt. Van een neoliberaal mantra naar De opportuniteit is dat er een intellectueel én populistisch vacuum is ontstaan waar nieuwe ideeën kunnen worden geïntroduceerd. Nu zijn sociaaldemocratische partijen verbrand door hun deelname aan het neoliberale beleid, en liberale partijen slijten het neoliberalisme nog steeds voor liberalisme. Politiek is er dus geen hoop. Aan de vakbondszijde rijpen er ideeën, maar nu kom ik tot het punt van deze bijdrage: de vakbond hoeft geen beleid te maken. Telkens opnieuw komt diezelfde opmerking, nu zelfs verzuchting: lossen jullie het op, werk eens mee. Niemand die het verbiedt, maar de verwachting is verkeerd. De vakbond verdedigt en vertegenwoordigd werknemers. Het is een defensieve, conservatieve kracht en moet in de eerste plaats die rol vervullen. Slechts in derde instantie is de vakbond een politieke spreekbuis van haar leden.

Als politiek en vakbond er niet uit raken, wie dan wel? Eigenlijk moeten we dit zelf ter harte nemen: academici. Het is belangrijk dat we modellen presenteren die de DSGE gaan vervangen. Dit zou voor meer groei en minder overheid kunnen zorgen.