Waarom ?
Een concrete aanleiding was de verkrachting van een meisje tijdens de Gentse Feesten, waarna jongedames een tijdlang schrik hadden om 's nachts alleen over straat te lopen.
- Bepaalde groepen mensen hebben schrik om, op bepaalde uren, op straat te komen.
- Patrouilles zijn steekproeven met een bias.
- Er is onvoldoende informatie over de veiligheid van een buurt om dit in rekening te brengen bij het kiezen van een woning.
Wat ?
Een smartphone-applicatie waarmee men eenvoudig een signaal van onveiligheid of bedreiging kan uitsturen. Actuele en statistische informatie is publiek te consulteren.
Kreatiev ?
Er al enkele applicaties te vinden met een gelijkaardig doel, bijvoorbeeld:
- Hollaback | Internationale website waar seksistische aanrandingen kunnen worden gemeld, die vervolgens op Google Maps gepind worden. http://brussels.ihollaback.org/nl/
- Bashing.be | Website / app gericht op het melden van geweld op LBGT's
- Guardian Angel | App die een sms stuurt met je positie wanneer je je koptelefoon uittrekt.
- bSafe, Real Alert | Smartphone-apps die met een eenvoudige druk op de knop uw route en positie doorsturen naar een aantal 'Guardians'. Er kunnen ook videobeelden gemaakt worden.
- FixMyStreet | Applicatie die toelaat een slecht wegdek te signaleren aan de gemeentelijke overheid.
Deze applicaties hebben als belangrijkste nadeel dat ze zich op slechts één thema richten of enkel een individu betrekken, en dus niet gericht zijn op de crowd force of overheid / politie.
Produktiev !
De City Safe App voegt de sterke elementen van voornoemde applicaties samen en doet meer.
- De interface is zeer eenvoudig: het is in essentie Google Maps, met gevarenzones in kleur aangegeven volgens op een algoritme op basis van de meldingen en een politiedatabank. Via meldingen (trillingen, geluiden) kan de app ook gevaar signaleren zonder dat men naar het scherm hoeft te kijken.
- Men kan twee soorten meldingen maken:
- Eén 'swipe' naar rechts signaliseert onveiligheid, twee swipes naar rechts stuurt daarenboven een bericht met je positie naar een of meerdere contacten als je dat zo instelt.
- Eén swipe naar links signaliseert bedreiging, twee swipes verwittigen de veiligheidsdiensten, sluiten het programma af en verwijderen het icoontje.
- Je wordt altijd getraceerd. Het verschil met bestaande software is dat de veiligheidsdiensten deze informatie onmiddellijk krijgen als een bedreiging worden gesignaleerd.
- Eén tot twee minuten na een bedreiging wordt je opgebeld door een anoniem nummer die niets zegt. Je moet op voorhand een codewoord inspreken. Indien je dit codewoord herhaalt, wordt via stemherkenning geverifieerd. Indien het overeenkomt, wordt het proces van opsporing gestopt. Indien niet, dan wordt een patrouille gestuurd. Niemand weet of die patrouille er niet sowieso zou geweest zijn, dus de gebruiker is volledig beschermd.
- Aanmelden bij het systeem is gratis, maar werkt via een E-ID. Zo kan misbruik worden opgespoord. Indien de aggressor zelf het toestel gebruikt om na te gaan of onveiligheid gemeld wordt, en zelf geen onveiligheid signaleert, wordt hij aangegeven als een verdachte.
- Er kan aanvullende informatie over de personen verzameld worden: gender, geaardheid, etnische achtergrond, leeftijd, etc. Op basis daarvan kan men nagaan welke risicogroepen zich in welke buurten bedreigd voelen. Deze informatie dient publiek consulteerbaar te zijn.
- Uiteraard zullen de meldingen sterk vertekend zijn door de populariteit bij de gebruikers. Het algoritme moet uiteraard aan één melding in Zwevezele een groter gewicht geven dan aan één melding in Antwerpen.
Bedenkingen
Het systeem is vernuftig; maar doet denken aan 1984: beangstigend, negatief. Het gaat voor op een panoptisch principe dat kan lijden tot enorm wantrouwen en verdere segregatie. Dit is uiteraard niet de bedoeling. Er dienen zich nieuwe technologische en sociale opportuniteiten aan, die hoe dan ook toch worden geëxploiteerd. De vraag is of een overheid hier gebruik van kan maken voor een efficiëntere dienstverlening, en welke positie ze natuurlijkerwijze moet innemen. Voor mij is het wenselijk dat veiligheidshandhaving door politie wordt geregeld, voor iedereen op een gelijke manier. Zo'n app kan de burger hiermee confronteren.
Het gaat om meer dan controle of repressie na de feiten. Het gaat evenzeer om preventie: een onveilig gevoel creëren is geen misdaad, maar vloeit vaak voort uit verkeerde communicatie tussen groepen van inwoners en verkeerde signalen die worden uitgestuurd. Het is geen schande mensen aan te spreken op hun burgerlijk gedrag. In het Warandepark in Brussel hangt een oud bord waarop staat: "Dit park staat onder controle van de burgers van deze stad." Dit is de eerste les die men moet trekken: wij moeten allen samen waken over onze omgeving.
Ten tweede zijn er blind spots op de kaart wat betreft veiligheid. Bepaalde buurten geven puur door de ruimtelijke ordening een gevoel van onveiligheid. Mensen hebben het recht om in een aangename buurt te wonen: men mag hier dus melding van maken. Gure buurten zijn vaak vergeten buurten: deze app wijst ze aan op een kaart zodat de verwaarlozing wordt duidelijk gemaakt.
Ten derde moeten bedreigingen efficiënt worden opgevolgd. De responstijd van 112 is te traag, en men mag er zelfs geen gebruik van maken in niet-dringende situaties. Via de app kan alvast de nodige informatie gegeven worden, die bovendien kan leiden tot een spoor van informatie, terwijl er nog niets gebeurd is dat vervolgbaar is. Denk aan een dievenbende die op een nachtelijke route op twintig plaatsen gespot wordt voor vreemd gedrag, nog voor ze effectief inbreken. Slimme algoritmes kunnen criminelen te snel af zijn.
Onveiligheidsgevoel is dus relevant en nuttig - de app inventariseert het en wend het gevoel aan om mensen met een geruster hart op straat te sturen. Een grotere aantal mensen op straat zorgt voor sociale controle, en dus extra veiligheid, zonder beveiliging, want die wekt vaak de tegenovergestelde indruk. Stel je voor dat er overal agenten stonden, camera's, felverlichte nooduitgangen en antitankgrachten (nvdr.: geschreven in 2013). Eens de straat als veilig wordt beschouwd, een hygiëneconditie, moet er niet veel meer gebeuren: dit is een stabiele situatie en minder informatief. Het is niet nodig om dit te herhalen (zoals de 'I'm safe' melding bij Facebook bij grote rampen), zolang men weet dat gevaar wél gemeld zou worden.
Deze interactie en transparantie is niet bedoeld om leuk te zijn, noch om een negatieve perceptiespiraal te creëren die vervolgens zichzelf waarmaakt (het omgekeerde zou minder erg zijn). Men kan experimenteren met technologie, zonder te geloven dat de neveneffecten onafwendbaar zijn. Negatieve perceptieproblemen zijn uiteraard mogelijk maar niet in te schatten en men kan er geen beleid op bouwen. Hoe dan ook klagen veel mensen over onveiligheid. Het probleem is dus niet dat de perceptie zou kunnen ontstaan dat er onveiligheid heerst, maar dat die perceptie bestaat. We moeten dus de signalen van de burger opvangen zonder paniekreactie, maar net om ze te begrijpen en aan te pakken op een gecontroleerde manier, in eigen beheer.
Het gaat om meer dan controle of repressie na de feiten. Het gaat evenzeer om preventie: een onveilig gevoel creëren is geen misdaad, maar vloeit vaak voort uit verkeerde communicatie tussen groepen van inwoners en verkeerde signalen die worden uitgestuurd. Het is geen schande mensen aan te spreken op hun burgerlijk gedrag. In het Warandepark in Brussel hangt een oud bord waarop staat: "Dit park staat onder controle van de burgers van deze stad." Dit is de eerste les die men moet trekken: wij moeten allen samen waken over onze omgeving.
Ten tweede zijn er blind spots op de kaart wat betreft veiligheid. Bepaalde buurten geven puur door de ruimtelijke ordening een gevoel van onveiligheid. Mensen hebben het recht om in een aangename buurt te wonen: men mag hier dus melding van maken. Gure buurten zijn vaak vergeten buurten: deze app wijst ze aan op een kaart zodat de verwaarlozing wordt duidelijk gemaakt.
Ten derde moeten bedreigingen efficiënt worden opgevolgd. De responstijd van 112 is te traag, en men mag er zelfs geen gebruik van maken in niet-dringende situaties. Via de app kan alvast de nodige informatie gegeven worden, die bovendien kan leiden tot een spoor van informatie, terwijl er nog niets gebeurd is dat vervolgbaar is. Denk aan een dievenbende die op een nachtelijke route op twintig plaatsen gespot wordt voor vreemd gedrag, nog voor ze effectief inbreken. Slimme algoritmes kunnen criminelen te snel af zijn.
Onveiligheidsgevoel is dus relevant en nuttig - de app inventariseert het en wend het gevoel aan om mensen met een geruster hart op straat te sturen. Een grotere aantal mensen op straat zorgt voor sociale controle, en dus extra veiligheid, zonder beveiliging, want die wekt vaak de tegenovergestelde indruk. Stel je voor dat er overal agenten stonden, camera's, felverlichte nooduitgangen en antitankgrachten (nvdr.: geschreven in 2013). Eens de straat als veilig wordt beschouwd, een hygiëneconditie, moet er niet veel meer gebeuren: dit is een stabiele situatie en minder informatief. Het is niet nodig om dit te herhalen (zoals de 'I'm safe' melding bij Facebook bij grote rampen), zolang men weet dat gevaar wél gemeld zou worden.
Deze interactie en transparantie is niet bedoeld om leuk te zijn, noch om een negatieve perceptiespiraal te creëren die vervolgens zichzelf waarmaakt (het omgekeerde zou minder erg zijn). Men kan experimenteren met technologie, zonder te geloven dat de neveneffecten onafwendbaar zijn. Negatieve perceptieproblemen zijn uiteraard mogelijk maar niet in te schatten en men kan er geen beleid op bouwen. Hoe dan ook klagen veel mensen over onveiligheid. Het probleem is dus niet dat de perceptie zou kunnen ontstaan dat er onveiligheid heerst, maar dat die perceptie bestaat. We moeten dus de signalen van de burger opvangen zonder paniekreactie, maar net om ze te begrijpen en aan te pakken op een gecontroleerde manier, in eigen beheer.